
Zomergasten: Dea Blankestijn is er nog: ‘Ik heb ook veel geluk gehad’
13 augustus 2026 om 10:47 MensenNIJKERK Dea Blankestijn is op veel plekken in Nijkerkerveen actief. Ze helpt in de bibliotheek, leest kinderen voor, loopt pleinwacht op school en is de drijvende kracht achter Spulletjes uit ‘t Hart. Die behoefte om iets voor anderen te doen werd sterker nadat haar leven enkele jaren geleden volledig op zijn kop werd gezet. „Ik ben er nog, dan wil je graag ook iets terugdoen.”
door Peter Pos
De afgelopen jaren kreeg Dea Blankestijn te maken met ernstige gezondheidsproblemen en meerdere zware operaties. Over de medische details praat ze liever niet te veel. Wat haar vooral is bijgebleven, is een opmerking van een arts in Utrecht. „Die zei tegen mij: je hebt heel veel pech gehad, maar ook heel veel geluk. Dat zinnetje is altijd blijven hangen.”
Ze denkt er nog vaak aan terug. „Dat besef is heel groot. Het was heel normaal geweest dat ik hier niet meer had gezeten. Dat klinkt misschien gek, maar zo voel ik dat echt. Daarom zit dat zinnetje ook zo in mijn hoofd. Je hebt heel veel pech gehad, maar ook heel veel geluk.”
Tijdens haar ziekte kwam haar leven grotendeels stil te staan. Dagen draaiden om onderzoeken, behandelingen en herstellen. Er waren momenten waarop ze niet wist hoe de toekomst eruit zou zien. „Er is veel angst geweest. En nog steeds hoor. Als ik straks weer voor een scan moet, zijn die dagen ervoor niet leuk. Dat blijft. Maar ik probeer er niet in te blijven hangen.”
LEVENSLUST
Wat haar door die periode heen hielp, was haar levenslust. „Ik wilde mijn kleinkinderen zien opgroeien. Ik wilde bij mijn kinderen blijven. En Evert en ik deden het samen. Op een gegeven moment denk je: ik ga alles doen wat ik kan. Meer kun je niet doen.” De moeilijke jaren veranderden haar kijk op het leven. „Je gaat anders naar dingen kijken. Vroeger was gezondheid vanzelfsprekend. Nu niet meer. Gewoon een gewone dag hebben, daar kan ik al blij van worden. Ik probeer vooral te genieten van wat er is. Je weet niet wat morgen brengt. Dat heb ik wel geleerd.”
![]()
Dea Blankestijn in ‘t Veensche Hart waar ze veel vrijwilligerswerk verricht - Peter Pos
„Ik krijg energie van mensen’’, vertelt de 63-jarige Nijkerkerveense enthousiast. ,,Als ik thuis ga zitten, word ik niet gelukkig. Ik vind het gewoon leuk om onder de mensen te zijn. Iedereen heeft zijn eigen verhaal en daar ben ik nieuwsgierig naar.”
Die behoefte aan contact komt in bijna alles terug wat ze doet. In de bibliotheek is ze al jaren een vertrouwd gezicht, ze leest kinderen voor die wat extra ondersteuning kunnen gebruiken, helpt bij activiteiten en loopt tussen de middag pleinwacht op school. Daarnaast bezoekt ze regelmatig haar moeder in De Pol. „Contacten vind ik leuk. Dat is eigenlijk de rode draad in alles wat ik doe.”
PUUR
Vooral de omgang met kinderen kan haar dag maken. Als ze erover vertelt, verschijnt er direct een glimlach op haar gezicht. „Die kleintjes komen gewoon naar je toe. Als er eentje gevallen is, neem je hem mee naar binnen. Even troosten, even op schoot. Ik vind dat prachtig. Bij die kleintjes zie je alles nog puur. Als er eentje verdriet heeft, dan komt zo’n kind gewoon naar je toe. Dat vind ik mooi. Soms hoeft er niet eens iets gezegd te worden.” Tijdens de pleinwacht ziet ze dagelijks hoe kinderen met elkaar omgaan. „Bij die kleintjes zie je de driftkikkertjes en de haantjes de voorste al hoor. Dat vind ik prachtig.”
KRIEBELEN
Het gevoel iets voor anderen te willen betekenen zat altijd al wel in haar, maar werd na haar ziekte sterker. „Toen ik ziek was geweest dacht ik steeds vaker: ik ben er nog. Dan wil je ook iets terugdoen.” Vanuit die gedachte ontstond uiteindelijk ook Spulletjes uit ’t Hart. Twee jaar geleden hoorde ze op een verjaardag over een tijdelijk winkeltje waar mensen tweedehands spullen verkochten. Eerst zag ze er weinig in. „Mijn eigen spullen verkopen voor mezelf? Nee, dat wilde ik niet.” Later begon het idee toch te kriebelen. „Toen dacht ik: als ik het voor een goed doel doe, voelt het anders. Dat past veel beter bij mij. Ik wilde het niet voor mezelf doen. Als ik ergens mijn energie in steek, dan wil ik dat er ook iemand anders beter van wordt.”
Wat begon met een paar rekken kleding in een leegstaand pand groeide uit tot een initiatief waar inmiddels zestien vrijwilligers bij betrokken zijn. Iedere maand worden er spullen verkocht waarvan de opbrengst naar goede doelen gaat. Toch draait het volgens Dea allang niet meer alleen om geld inzamelen. „Het sociale is minstens zo belangrijk geworden. Mensen komen voor kleding of spullen, maar ook voor een praatje. Soms schuiven ze aan voor koffie en blijven ze zitten. Dat vind ik misschien nog wel het mooiste.”
Het past bij haar karakter. Mensen die spullen brengen, worden vaak eerst uitgenodigd aan de keukentafel. „Die stuur ik niet meteen weer weg. Dan drinken we eerst een bakje koffie. Zo ben ik gewoon.” Inmiddels helpen haar man Evert, haar broer, haar schoonzus en verschillende andere vrijwilligers mee. De opslag van spullen is verspreid over meerdere plekken in Nijkerkerveen en iedere verkoopdag vraagt weer de nodige voorbereiding. Dea moet erom lachen. „Het is veel groter geworden dan ik ooit had gedacht. Maar zolang het leuk blijft, ga ik ermee door.”
Samen met Evert verhuist Dea binnenkort naar een nieuwbouwwoning, een paar honderd meter verderop in het dorp. Ook daar kijkt ze naar uit. „Dat voelt voor mij echt als een nieuwe start. Daar heb ik zin in. We blijven gewoon in Nijkerkerveen, dicht bij alles en iedereen. Dat vind ik belangrijk.”
Het past bij de manier waarop ze tegenwoordig in het leven staat. „Ik kijk liever vooruit dan achteruit. Natuurlijk denk ik nog wel eens aan alles wat er gebeurd is, maar ik probeer er niet in te blijven hangen. Je weet niet wat morgen brengt. Dat heb ik wel geleerd. Daarom geniet ik van de dingen die er nu zijn. Van mijn kinderen, van mijn kleinkinderen, van de mensen om mij heen.”
DANKBAAR
Dan komt ze opnieuw terug bij de woorden die een arts jaren geleden tegen haar zei. „Toen die arts zei dat ik heel veel geluk had gehad, dacht ik eerst: wat bedoelt ze nou? Maar later begreep ik het wel. Ik heb heel veel pech gehad, maar ook heel veel geluk. Dat zit echt zo in mijn hoofd. Dat ik er nog ben. Het had ook anders kunnen aflopen. Daarom wil ik iets voor andere mensen doen. Het klinkt misschien gek, maar zo voelt het voor mij. Ik ben dankbaar. En als je dankbaar bent, wil je ook iets voor een ander betekenen.”



















