
De financiële toekomst van Nijkerk
2 juni 2026 om 09:25 PolitiekNIJKERK Om komend jaar ruimte te maken voor noodzakelijke investeringen in de samenleving wordt de raad voorgesteld ambities te temporiseren, risico’s te accepteren en een deel van de algemene reserves in te zetten.
door Wijnand Kooijmans
Dat moet er, zo stelt het college van burgemeester en wethouders, ertoe leiden dat het nieuwe college de ruimte krijgt om keuzes te maken voor de periode vanaf 2028 en met voorstellen te komen om het duurzaam financieel evenwicht te handhaven. Het huidige college benadrukt dat Nijkerk blijft investeren in de kwaliteit van de leefomgeving en voorzieningen die meegroeien met de gemeente. In het sociaal domein blijft men zich inzetten op goede ondersteuning van inwoners. De gemeente benut verder grote opgaven op het gebied van ruimte en duurzaamheid als kans voor de toekomst.
BASIS
Aangegeven wordt dat de financiële positie van de gemeente per eind 2025 een solide basis laat zien en ruimte geeft om te investeren. Tegelijk staat dit richting de toekomst onder druk. Stijgende kosten en ontwikkelingen in het gemeentefonds leiden tot structurele tekorten in de meerjarenbegroting. Dat maakt, zo geeft wethouder Audrey Rohen aan, dat de komende jaren gerichte keuzes moeten worden gemaakt om financieel gezond te blijven. Voor 2027 wordt onder meer 827.000 euro uit de algemene reserve ingezet om tot een sluitende begroting te komen. Dat maakt dat het nieuwe college keuzes kan maken voor de jaren daarna. Voor 2028 wordt een tekort van rond de vier miljoen euro voorzien, de jaren daarna gaat het om ruim drie miljoen euro.
BINNENSPORT
Om toekomstige onderwijshuisvesting mogelijk te maken wordt de raad gevraagd jaarlijks 177.000 extra toe te voegen aan huisvestingsplan onderwijs. Om toekomstige investeringen in binnensport mogelijk te maken wordt het Meerjareninvesteringsplan binnensport structureel verhoogd met tweehonderdduizend euro. Ook voor de buitensport is meer geld nodig. In de periode tussen 2027 en 2030 moet hierin 4,3 miljoen euro worden geïnvesteerd. Het beschikbare budget voor subsidies groeit mee met de bevolkingsgroei van 0,8 procent per jaar. Dat maakt dat voor subsidies komend jaar dertigduizend euro extra nodig is.
NADELIG
De uitgaven in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning geven jaarlijks een nadelig effect. Voor 2027 gaat het om 75.000 euro. Gezien wordt dat de uitgaven voor Wmo hulpmiddelen de afgelopen jaren steevast toenemen door de gestegen prijzen en het aantal verstrekte voorzieningen. De verwachting is dat na 2026 de kosten jaarlijks 178.000 euro duurder uitvallen per jaar. De toename zit voornamelijk in woningaanpassingen en vervoersvoorzieningen, zoals scootmobielen.Ten aanzien van het armoedebeleid geldt dat de minimaregelingen vanaf 2026 stijgen met 318.000 euro. Daar staat een daling van 50.000 euro tegenover van de kosten voor sociaal medisch geïndiceerde kinderopvang op basis van de werkelijke cijfers over 2025. Dit is vangnetregeling voor ouders die tijdelijk niet kunnen werken vanwege medische of sociale problemen maar wel opvang voor hun kind nodig hebben en geen recht hebben op de kinderopvangtoeslag van de Dienst Toeslagen
BOA’S
Om de boa’s gebruik te laten maken van hun smartphone voor taken als toezicht, registratie en controles van vergunning moet voor 25.000 euro aan licenties worden uitgegeven. De huidige zout locatie aan de Flier moet worden uitgebreid. Hiermee is 300.000 euro gemoeid. Om het toenemend aantal bezwaarschriften en verzoeken op de Wet open overheid af te handelen is jaarlijks 200.000 euro extra nodig. Voor de inzet van straatcoaches is jaarlijks 40.000 euro extra nodig.
CAMERATOEZICHT
Het parkeerterrein Oosterpoort moet worden voorzien van cameratoezicht. Hier is sprake van overlast, vernielingen en vervuiling. Dit vergt een investering van 50.000 euro. De onroerendezaakbelasting stijgt in 2027 met gemiddeld 5,8 procent. Het rioolrecht met 18,3 procent. Deze beide belastingen treffen alleen eigenaren van woningen. De stijging van de afvalstoffenheffing bedraagt 3,2 procent en raakt eigenaren en huurders van woningen.




















