
Arwin van Wilgenburg wordt dovenpastor: ‘Dove mensen moeten zichzelf kunnen zijn in de kerk’
22 augustus 2026 om 07:55 AchtergrondHOEVELAKEN Arwin van Wilgenburg uit Hoevelaken gaat vanaf september aan de slag als dovenpastor bij het Interkerkelijk Doven Pastoraat van de Protestantse Kerk in Nederland. Hij volgt daarmee ds. Wim Otte op. In zijn nieuwe functie wil Van Wilgenburg ervoor zorgen dat dove mensen zich binnen de kerk welkom en een volwaardig onderdeel van de geloofsgemeenschap voelen.
door Marion Zuurveen
,,Een kennis wees me enige tijd geleden op de vacature’’, vertelt Van Wilgenburg. ,,Ik had al heel lang de wens om predikant te worden. Door onze jongste dochter, die op 4-jarige leeftijd plotseling doof werd, ben ik gaan beseffen hoe belangrijk het is om in je eigen taal te kunnen communiceren. Alleen dan kun je je werkelijk begrepen voelen.’’ Juist binnen de kerk vindt hij dat van groot belang. ,,De kerk is een gemeenschap van gelovigen waarin iedereen erbij zou moeten kunnen horen. Daarom vind ik het zo belangrijk dat het dovenpastoraat bestaat. Ik kijk ernaar uit om samen het geloof te beleven en erover na te denken, juist ook in gebarentaal.’ Van Wilgenburg is al twintig jaar gastpredikant. Zijn werk als dovenpastor gaat hij combineren met zijn baan als docent levensbeschouwing en filosofie op een middelbare school in Utrecht.
VIER DOVENPASTORS
In Nederland zijn er vier dovenpastors actief. Zij zetten zich ervoor in dat dove en slechthorende mensen het geloof en het kerkelijk leven volledig kunnen meemaken in een taal en vorm die voor hen toegankelijk is. Van Wilgenburg zal voorgaan in kerkdiensten voor doven en in gemengde diensten in de regio Utrecht en Zuid-Holland. In de provincie Utrecht worden onder meer diensten gehouden in Leusden.
LUISTEREND OOR
Het dovenpastoraat beperkt zich niet tot kerkdiensten. Ook een luisterend oor en geestelijke ondersteuning zijn belangrijke onderdelen van het werk. Van Wilgenburg gaat daarom bijbelkringen begeleiden en huisbezoeken afleggen. De komende tijd wil hij bovendien zijn kennis van de Nederlandse Gebarentaal verder uitbreiden. ,,Ik moet natuurlijk ook de kerkelijke taal in gebaren leren kennen.’’ Volgens Van Wilgenburg is er de afgelopen jaren meer aandacht gekomen voor gebarentaal en de positie van dove mensen. ,,Tot 1980 was gebarentaal in Nederland verboden. Pas in 2021 werd de Nederlandse Gebarentaal officieel erkend als taal. Tijdens de coronapersconferenties werd bovendien duidelijk zichtbaar hoe belangrijk gebarentaal is voor mensen die doof zijn.’’
Ik vond het ontzettend mooi om te zien hoe dit gemeentelid ervoor zorgde dat onze dochter erbij kon horen
De persoonlijke ervaring met zijn dochter speelt een belangrijke rol in zijn keuze voor het dovenpastoraat. Zij werd op 4-jarige leeftijd plotseling doof, iets wat uitzonderlijk is omdat veel dove mensen al vanaf hun geboorte doof zijn. De gebeurtenis had grote impact op het gezin. Hun dochter gaat naar een speciale school in Utrecht en thuis leerde het gezin gebarentaal. Inmiddels heeft zij een cochleair implantaat, waardoor ze weer enigszins kan horen. Ook binnen hun eigen kerk, De Eshof in Hoevelaken, was er vanaf het begin veel aandacht voor haar. Eén van de gemeenteleden die werkt voor een organisatie die mensen ondersteunt die doof of slechthorend zijn, besloot het gezin te helpen en hun dochter binnen de kerk met gebarentaal te ondersteunen.
,,Ik vond het ontzettend mooi om te zien hoe dit gemeentelid ervoor zorgde dat onze dochter erbij kon horen’’, zegt Van Wilgenburg. ,,Deze ervaring heeft mij geraakt. Als dovenpastor hoop ik nu zelf ook veel voor dove en slechthorende mensen te kunnen betekenen. Ik wil er vooral voor zorgen dat zij zich gehoord voelen en weten: ook voor mij is er een plek in de kerk.’’

















