
50 jaar volkstuindersvereniging: ‘We leren van elkaar’
10 mei 2026 om 10:40 AchtergrondNIJKERK De volkstuindersvereniging Nijkerk viert in mei haar 50-jarig jubileum. De complexen zijn verdeeld over drie complexen met elk hun eigen charme. Dat tuinieren goed is voor lijf en geest, vertellen Henk van Asperen en Angelique van Grootveld.
door Lida Naber
Henk van Asperen (75) is sinds 2012 voorzitter van de vereniging. „Sinds de formele oprichting in 1976 in samenspraak met de gemeente Nijkerk moesten we vaak verhuizen. We begonnen op een perceel naast de begraafplaats, daarna verhuisden we naar de Barneveldseweg waar nu de Ooststreeck wordt gebouwd. Ook zaten we op de Watergoorweg, de Wallerstraat en achter de voormalige Milieustraat. Maar ook hier moesten we weer weg. Wel hadden we inmiddels de definitieve percelen aan de Barneveldseweg en Steenbeek.” In 2013 diende het bestuur een plan in bij de gemeente voor een definitief perceel. En zo werd 1,5 hectare grond aan de Dammersbeek het derde complex. Van Asperen: „We hebben 175 leden verspreid over drie complexen. De charme van onze vereniging is dat we heel Nijkerk kunnen bedienen met moestuinen in Oost, Noord en West. Lange wachtlijsten zijn er niet, en de doorstroom is goed. We splitsen nu ook tuinen van honderd naar vijftig meter.”
Wat brengt het moestuinieren de voorzitter zelf? „Ik kreeg het al met de paplepel ingegoten en hielp mijn vader vroeger al. Tuinieren is gezond, je krijgt beweging, je eet gezond, je hebt sociale contacten en je bent er nooit alleen. Verschillende culturen komen ook samen op de tuin. Dan krijg je weer boontjes uit Marokko of andere gewassen. We leren van elkaar. Je deelt van je overvloed. Mensen gaan door tot op hoge leeftijd en ze bijna niet meer kunnen.”
GROENAFVAL
Van Asperen ziet dat nu veel minder wordt gespit dan vroeger. Ook wordt er minder mest of kunstmest gebruikt en wordt groenafval kleingemaakt en weer uitgestrooid op de tuin. Biologisch tuinieren vindt Angelique van Grootveld (50) ook belangrijk. Zij tuinierde al achter haar huis, met een kas en bakken. Ze wil aan haar kinderen laten zien waar het eten vandaan komt.
Ze is postbode en twee jaar geleden sprak ze tijdens haar ronde mensen bij het complex aan de Barneveldseweg. „Zij waren zo enthousiast en ik werd direct voorgesteld aan de coördinator. Van het één kwam het ander en zo werd ik lid van de vereniging en kreeg ik vijftig vierkante meter. Dat werd al snel te klein en ik kon in november een tuin van honderd vierkante meter krijgen. Dat is best wel groot en daarom maakte ik een plan. Eerst een bankje, dan een middenpad en natuurlijk veel bedjes van één bij twee. Ik had de frambozen van mijn eigen achtertuin al overgezet. Ik wilde aardappelen, bonen, courgettes, pompoenen. En snijbiet, dat kun je niet meer in de winkel kopen.”
Het tuinieren brengt haar ontspanning, maakt haar hoofd leeg en ze is lekker met mijn handen in de grond. ,,Het brengt ook gezelligheid, ik zie alleen maar aardige mensen. Je deelt groenten en zaden. Ik leer ook van andere mensen die veel ervaring hebben en weten welk onkruid je meteen weg moet halen en wat minder erg is. Ik was erg druk met het weghalen van haagwinde in mijn nieuwe tuin. Maar dat is gelukt. Gemiddeld was ik toen denk ik wel tien uur per week op de tuin. Maar voordat ik de post ophaal om half 11 kan ik nog even naar de tuin.
WATER GEVEN
Wat ze ook mooi vind is als ze iets zie opkomen. En van de mooie bloemen van de courgettes heeft ze wel vijftig foto’s gemaakt. ,,Ik ga ze dit jaar ook voor het eerst klaarmaken, dat schijnt heel lekker te zijn!” Samen met dochter Ilze loopt ze naar haar perceel om nog even water te geven. Want dat is hard nodig. Terug naar het feestje. Van Asperen: ,,We missen een verenigingsgebouw. Daarom organiseert het bestuur samen met de tuincoördinatoren op 16 mei op elk complex een informele bijeenkomst om zo ook de eigenheid van de complexen te benadrukken. Met een drankje, hapje en een cadeautje voor alle leden.”


















