Jaap en Annet de Lange wonen in het zuidelijkste puntje van de gemeente Nijkerk, tegen snelweg A1 aan, tussen Hoevelaken en Terschuur. Het suizende geluid van voorbijrazend verkeer klinkt constant monotoon op de achtergrond als je over het erf van de Hoevelakers loopt. Bij aankomst op het erf aan de Middelaarseweg leidt De Lange me eerst de compacte stal in. Er heerst een bijzondere rust, en met gedempte stem zegt de boer: ,,Er gaat er net één kalven.’’ Voorzichtig sluipt de boer naderbij de bevallende koe. ,,Ze is een beetje zenuwachtig’’, merkt De Lange op. Zodra de koe de boer opmerkt, gaat ze zo snel als ze kan staan. ,,Dan moet het met een touw, ze maakt het zichzelf niet makkelijk’’, aldus De Lange, die nu even als verloskundige fungeert. Hij bindt het touw om de uitstekende pootjes van het naderende kalf en trekt het beestje in één vlotte beweging uit haar moeder. Moeder koe krijgt even de tijd om haar pasgeborene schoon te likken en vervolgens brengen Jaap en Annet het kalfje naar haar, met vers stro opgemaakte, hokje. Het jonge dier krijgt wat verse moedermelk en de klus is geklaard. Tijd voor koffie. 

Het artikel gaat verder onder de foto.

Eenmaal binnen vertelt de 64-jarige boer over zijn bedrijf. ,,Ik heb een bedrijf met dertig koeien. Melkvee en jongvee. Dat is tegenwoordig klein, maar ik kan er mijn brood mee verdienen. Al moet ik zeggen dat ik er wel iets bij doe. Ik ben namelijk ook klauwbekapper. Ik knip de nagels van koeien en dat doe ik bij boeren in de omgeving. Dat samen zorgt dat we ons redden. We zijn ook snel tevreden, we hebben het goed.’’

De Lange en zijn vrouw zitten tevreden aan hun keukentafel van hun, voor boerderijbegrippen, nieuw-ogend huis. Dat ze in een huis van nog geen twintig jaar oud wonen, heeft een geschiedenis. Tot de eeuwwisseling had de familie De Lange namelijk een boerderij aan de Oosterdorpsstraat in Hoevelaken. Maar toen Hoevelaken groter werd en de boerderij in de bebouwde kom kwam te liggen, werd de familie ‘gedwongen’ hun heil elders te zoeken. ,,Ik ben opgegroeid op de boerderij aan de Oosterdorpsstraat. Het was de boerderij van mijn vader en toen hij overleed, heb ik het bedrijf overgenomen. Ik was toen 30 en werkte al op de boerderij.’’

Op de boerderij aan de Oosterdorpsstraat hield De Lange melkvee en varkens. Tot strengere regels, in combinatie met de oprukkende bebouwing, hem noopte te verhuizen. ,,Vroeger had je nog geen stankcirkel. Ze bouwden huizen rond onze boerderij en ik kon gewoon mijn varkens houden. Ineens was er wel een stankcirkel. In eerste instantie veranderde er niet zoveel, tot er iemand begon te klagen. Toen moest ik stoppen met de varkens, want er woonden mensen binnen de stankcirkel. Ik heb me er tot het uiterste tegen verzet, ben twee keer bij de Raad van State geweest, maar ik werd gedwongen te stoppen met de varkens. Dit was in 1996.’’

Een paar jaar later besloot De Lange dat het tijd was om zijn familieboerderij te verlaten. Gelukkig bezat hij al land aan de Middelaarseweg. ,,We hebben in 2000 een vergunning gekregen om een huis en een bedrijf te bouwen op deze grond. Daar waren we maar wat blij mee, want we hoefden maar een klein stukje te verhuizen. De verhuizing is ons en onze drie kinderen goed meegevallen. Het dorp waar we wonen en de kerk waar we komen bleven hetzelfde en dat is voor ons wel belangrijk’’, kijkt De Lange terug op de ingrijpende verandering. 

Het artikel gaat verder onder de foto.

Veranderingen zijn de familie De Lange dus niet vreemd. De Hoevelaker slaakt dan ook een diepe zucht als de ‘stikstofcrisis’ ter tafel komt. ,,Ik geloof maar weinig van dat hele stikstof- en Co2-verhaal. Het wordt mij allemaal te zwart-wit voorgesteld. En ook over de metingen heb ik mijn twijfels. Er wordt veel gepraat momenteel, maar niemand weet wat er moet gebeuren. In 2015 was er een discussie over fosfaatrechten en moest ik al gekort worden, terwijl ik grond voldoende had. Als het zo doorgaat met het agrarische beleid dan maakt de overheid zelf crisis.’’ 

Overigens was De Lange niet bij de demonstraties in Den Haag en bij het provinciehuis, nu zo’n  anderhalve maand geleden. ,,Nee, ik ga echt niet staken. Dat is niks voor mij. En er moet ook iemand thuis zijn om te voeren en te melken’’, zegt De Lange resoluut. Zijn vrouw Annet vult hem aan: ,,Maar de tweede keer dat ze gingen demonstreren trok hier de hele ochtend een stoet trekkers voorbij. Jaap deed toen af en toe de schuifpui open en zei, terwijl hij zijn oren spitste: ‘hoor eens, mooi hè.’’ Jaap: ,,Dat was echt een mooi gezicht. Maar ik weet zeker dat als ik mee was gegaan om te demonstreren, dat ik de hele dag had gedacht: ‘was ik maar thuis’.’’

Gezien de omvang van zijn bedrijf, weet de Hoevelakense boer vrij zeker dat zijn bedrijf stopt zodra hij met pensioen gaat. ,,Ik heb waarschijnlijk geen opvolging. Dat is aan de ene kant jammer, maar aan de andere kant denk ik dat het voor jongeren te ingewikkeld is geworden. Mijn zoon en dochters vinden het werk wel mooi, maar gaan het niet overnemen. Ik ga gewoon zo lang mogelijk door, tot ik het lichamelijk niet meer red. Het bedrijf uitbreiden kan sowieso niet, ook al zijn we al lang veel te klein. Dat komt omdat we een ‘grupstal’ hebben, dat is een stal waar de koeien vast staan. Als ik wil uitbreiden of nieuw bouwen, moet het een ligboxstal worden van de melkfabriek. Daar ga ik niet meer aan beginnen.’’

Verbolgen is De Lange allerminst, ondanks het feit dat de regelgeving het hem nooit makkelijk heeft gemaakt. ,,Ik ga gewoon door. Ik ben gelukkig en tevreden. Net werd er weer een kalfje geboren en dat is goed gegaan. Daar ben ik dankbaar voor. Ik zorg goed voor die beestjes en daar geniet ik elke dag van.’’

Dit was het laatste artikel in een drieluik over boerenbedrijven in de gemeente Nijkerk. Het eerste artikel ging over boerderij Ark van de familie Van ‘t Klooster, in polder Arkemheen. Het tweede artikel ging over het gemengde bedrijf van de gebroeders Pleizier aan de Schoenlapperweg en de Nieuwe Voorthuizerweg. 

Door Paul Nolens

Paul Nolens
Foto: Paul Nolens
Paul Nolens
Foto: Paul Nolens
Paul Nolens
Foto: Paul Nolens