Jan Kok begon in 2010 met zijn kersenkwekerij. ,,Het was altijd een droom van me om dit te doen", vertelt hij. Maar daar kwamen wel de nodige tegenslagen bij kijken. ,,Ik ben in 2010 uit het niets begonnen op de boerderij van mijn ouders met behulp van een teeltvoorlichter. Vroeger liepen hier altijd schapen op het weiland, het perceel is toen opgehoogd met agrarische grond van de overkant, waar ze bedrijven gingen bouwen. De toplaag, maar liefst 1500 kuub grond, is toen hier heen gegaan, want kersen houden van droge voeten." 

De Hoevelaker bestelde bomen bij een boomkweker in Limburg, maar het was niet meteen een succes. ,,Het eerste jaar gingen de eerste 370 bomen die ik had dood, vooral omdat de grond te schraal was. Het volgende jaar heb ik nieuwe bomen besteld met extra mest voor betere structuur van de grond en heb ik drainageslangen aangelegd om overtollig water af te voeren. We hebben ook een druppelslang langs de bomen heen, zodat we ze bij droogte water kunnen geven. Na het eerste jaar ging het steeds wat beter. De grond wordt naarmate er meer en langer op geteeld wordt ook beter.”


Gerrit Steen

VERSCHILLENDE RASSEN ,,Het fruit telen zit een beetje in de familie", vertelt Kok. ,,De vader van mijn moeder pachtte vroeger een kersenboomgaard voor drie maanden. Dat waren nog de hoogstam bomen, met lange ladders om ze te plukken. Mijn moeder kwam uit Jutphaas, dat is een gebied waar toen maar ook nu nog vrij veel kersen geteeld worden. De vogels werden toen met ratels en blikken bussen verjaagd. De broer van mijn moeder woonde in Steenbergen, hij deed veel in pruimen." 

De kersenman uit Hoevelaken heeft nu vijf rassen in gebruik: de Burlat, de Merchant, de Kordia, de Karina en de Regina. ,,Als het goed is, kan ik ze achter elkaar oogsten, dan lopen de oogsten in elkaar over. Alleen dit jaar loopt dat een beetje anders. Nadat ik de Burlat en de Merchant geoogst had, moest ik nog anderhalve week wachten voordat de andere rassen rijp waren. Maar vanaf nu kunnen er iedere dag weer verse kersen gehaald worden, alleen niet op zondag.”

Kersen plukken is een zwaar beroep. Vroeger stonden de plukkers elke dag gedurende 6 weken, van 6 uur ’s morgens tot het donker werd, op hoge ladders te plukken. De ladders moesten in een knik tegen de boom aan staan, zodat je in de boom terechtkwam als je viel. Het grote voorbeeld voor de plukkers was de vakman. De vakman was de voorplukker en had vaak als eerste zijn mand vol. Als zijn mand vol was, riep hij: ‘Onder!’ Alle plukkers kwamen dan van hun ladder af en hadden hun mand dan vaak pas half vol. De laatste dag was een feest. Er werd goed gedronken en veel nieuwe haring gegeten. Op het Marktplein in Lienden (Betuwe) vind je het standbeeld ‘de kersenplukkers’.


Gerrit Steen

SEIZOENPRODUCT Tot nu toe is het volgens Kok een goed kersenjaar met veel belangstelling. ,,We hebben nu meer vraag naar kersen dan we kunnen leveren. Er zijn nu ook meer mensen thuis vanwege corona. Het ging tot nu toe altijd via mond-tot-mondreclame. En het weer is erg belangrijk, als het mooi weer is dan gaan de mensen toch sneller fietsen." 

Kersen kwamen vroeger vooral uit de Betuwe, die vol stond met kersenbomen. Na de Tweede Wereldoorlog is de productie uit Nederland afgenomen. De bescherming tegen vogels en de oogstwerkzaamheden werden zo arbeidsintensief dat de opbrengst niet rendabel genoeg was. Om deze reden worden er vooral geïmporteerde kersen verkocht. Van mei tot oktober komen de kersen uit Turkije, Griekenland, Frankrijk en Spanje. Nederland voert kersen aan in juni tot augustus. Morellen zijn er nog tot september. In de winter komen de kersen uit Chili. Zo is er het hele jaar aanvoer van verse kersen.

Kok heeft een redelijk constante groep afnemers die zich gestaag uitbreidt. ,,En dat voornamelijk vanwege de versheid, de mensen krijgen de kersen zo uit de boom. Het is natuurlijk een exclusief seizoenproduct, eerst heb je asperges, dan kersen. Het is nu een intensieve periode waarin we flink aan de bak moeten om alle kersen van de bomen te halen. Ik heb een paar vrienden en bekenden die me helpen met het plukken van de kersen, het sorteren en het in bakjes deponeren van een pond of een kilo. Het is allemaal handenarbeid. Het seizoen duurt meestal een week of vijf, zes, een beetje afhankelijk van het weer.”

Door Gerrit Steen

Gerrit Steen
Foto: Gerrit Steen